button layar2

nummer D26
naam Drouwenerveld
eigennaam -
gemeente Borger-Odoorn
eigenaar / beheerder Rijk / Staatsbosbeheer
lengte / breedte 12,0 m / 3,8 m
zijstenen / dekstenen 12 / 6
sluitstenen 2
oorspronkelijk aantal,zijstenen / dekstenen 12 / 6
ingangspartij deze wordt gevormd door twee paar poortzijstenen
steenkrans is nog voor een deel aanwezig
oriëntatie 66º
coördinaten N 52 56.587; E 006 46.462
topografische aanduiding 248.25/551.58

Bijzonderheden: voor de eerste expliciete vermelding zie D19. N. Westendorp vermeldt het hunebed in 1812. Lukis en Dryden verzamelden in 1878 van dit monument een hoeveelheid vondsten; deze zijn overgedragen aan het British Museum. In 1964 en 1965 zijn de resterende kransstenen vrijgelegd en zijn de standkuilen van de ontbrekende stenen opgezocht; veel van de standkuilen konden niet meer teruggevonden worden, maar wel meende men aanwijzingen te hebben dat er oudtijds stopstenen tussen de kransstenen hebben gezeten. De grafkelder is uitvoerig onderzocht door J.A. Bakker,A.E. van Giffen en W. Glasbergen in 1968 en 1970 en in dat laatste jaar
ook gerestaureerd. Het grafmonument is het laatste Nederlandse hunebed waarvan de kelder om wetenschappelijke redenen volledig werd opgegraven. Bij dat onderzoek zijn in de grafkelder de resten van 157 TRB-potten gevonden, die uit het einde van horizont 2 tot en met het begin van horizont 5 dateren Ook zijn hierin scherven van enkele potten uit het Laat-Neolithicum (2850-2400 v.Chr) en van een pot uit de IJzertijd aangetroffen. In 1972 verrichtte Van Giffen nog een klein onderzoek aan D26, waarna hij de restauratie voltooide. Het was zijn laatste herstelmaatregel; zijn ruim 20 jaar daarvoor geformuleerde plan om de Nederlandse hunebedden te restaureren, was voltooid.