In de bibliotheek van het Hunebedcentrum staan tal van bijzondere boeken die zelden elders te vinden zijn. Een van deze opmerkelijke werken is het Japans Jaarboek van de “Furuta Historische Vereniging” uit de buurt van Tokio. Dit jaarboek bevat een interessant hoofdstuk van 9 pagina’s over de hunebedden van Drenthe. Dat roept de vraag op: hoe is dit artikel over de Drentse hunebedden in een Japans jaarboek terechtgekomen?
De auteur van dit hoofdstuk, dr. Osamu Namba, bracht de zomervakantie van 1971 door in Drenthe. Uit nieuwsgierigheid bezocht hij met de auto ongeveer de helft van de hunebedden. In 1974 onderzocht hij in Bretagne veel megalithische culturele overblijfselen. Hij schrijft dat de structuren van de megalieten mogelijk verband houden met astronomische observaties. Nadat hij lange tijd in Nederland had gewoond, wilde hij systematisch meer leren over de cultuur en geschiedenis van ons land. Deze keer, niet alleen over de windmolens, maar ook om mensen in Japan bewust te maken van de megalithische cultuur in Nederland.
Hij ontdekte overeenkomsten met de megalieten in Japan. Geïntrigeerd door deze gelijkenissen bezocht hij het Hunebedcentrum (toen nog “Hunebed Informatie Centrum”) om waardevolle informatie te verzamelen.
Op basis hiervan schreef Osamu Namba een artikel voor een speciaal themanummer ter nagedachtenis van zijn vriend, professor Takehiko Furuta, op diens 70e verjaardag in 1998. Dit artikel weerspiegelt niet alleen zijn interpretatie van de hunebedden, maar ook de schoonheid ervan.

Na de publicatie van het jaarboek besloot dr. Namba het boek als blijk van waardering voor de samenwerking met het Hunebedcentrum aan de bibliotheek te schenken. Dit is een prachtig gebaar dat de internationale waardering voor de Drentse geschiedenis en cultuur onderstreept.
Hieronder volgen enkele passages en citaten uit zijn artikel, getiteld “Op zoek naar de waarheid in nabije tijden”. Frappant is wel dat hij de Trechterbekercultuur in zijn artikel stelselmatig de “Aardewerkcultuur” noemt.
“Het Hunebed”
Hoewel grote steencirkels zoals de “Megalithische Heuvels” in Japan bekend zijn, introduceert Namba kort de reuzenstenen die in Nederland als “Hunebed” bekendstaan. Hij vraagt zich af wat een hunebed precies is. In de plaats Borger stuitte hij op een groot en indrukwekkend hunebed, dat doet denken aan een slapende dinosaurus. Hij vraagt zich af hoe en waarom het is gebouwd, wanneer en door wie. Vervolgens schrijft hij over de situering van de hunebedden. Hij vertaalt de Hondsrug als de “Rug van de Hond”, een zandheuvel die is gevormd tijdens de derde ijstijd (Riss-periode), voortgebracht door de druk van een gletsjer die stenen uit Noord-Scandinavië heeft meegenomen. De stenen vertonen geen kunstmatige patronen en behouden hun natuurlijke kenmerken”.

Hij schrijft verder: “Om belangrijke dingen te bereiken, moet er als gemeenschap en als natie een geavanceerde sociale structuur zijn geweest, evenals een sterke religieuze opvatting om te komen tot deze bouwwerken. Welke samenleving was dat? Het volk van de hunebedden is een ‘Aardewerkcultuur’ die loopt van ca. 4900-2750 voor Christus in de late fase van de nieuwe steentijd. Over deze ‘Aardewerkcultuur’ is onduidelijk hoeveel mensen er oorspronkelijk waren en hoe zij zijn verdwenen en waar ze naartoe zijn gegaan.”
Hij vervolgt: “De mensen van de ‘aardewerkcultuur’ begonnen met lokale materialen hun eigen hunebedden te maken. Vanaf ongeveer 3000 voor Christus, in de late nieuwsteentijd, werden kleine groepen begraven in deze stenen constructies”.
“Mythes over de oorsprong van de Hunebedden
Namba noemt verschillende mythes en legendes die de oorsprong van de hunebedden omringen. Hier zijn enkele van de meest voorkomende:
- Reuzen als bouwers: Een populaire mythe is dat reuzen de hunebedden hebben gebouwd. Volgens deze verhalen zouden de enorme stenen door reuzen zijn verplaatst en gestapeld, wat de indrukwekkende grootte van de structuren verklaart.
- De stenen als magische objecten: Sommige mensen geloven dat de stenen van de hunebedden magische krachten bezitten. Er wordt gezegd dat ze geluk, bescherming of zelfs genezing kunnen bieden aan degenen die eromheen lopen of erin slapen.
- De verbinding met de sterren: Een andere mythe is dat de hunebedden zijn gebouwd in overeenstemming met sterrenbeelden of astronomische gebeurtenissen. Dit zou een spirituele verbinding met het universum kunnen symboliseren, waarbij de stenen als een soort kalender fungeren.
- De legende van de doden: Veel verhalen suggereren dat de hunebedden worden gezien als grafmonumenten voor belangrijke personen of krijgers. Men dacht dat de stenen de zielen van de overledenen zouden beschermen en hen een plek in het hiernamaals zouden bieden”.
Tot zover enkele passages en citaten uit zijn artikel. Wie het boek wil zien of lezen, het staat in de bibliotheek van het Hunebedcentrum.
Gegevens van het Jaarboek: Zoeker naar waarheden in de oudheid, samengesteld door de Furuta Geschiedenisvereniging, FURUTA Tokush. Speciale uitgave ter gelegenheid van de 70ste verjaardag van Takehiko Furuta, uitgegeven door Akashi Shoten. Shinintsu Furuta Geschiedenis Verzameling, deel 2.
Disclaimer: De tekst is vertaald met behulp van een AI vertaalprogramma. Fouten en de vrije vertaling komen voor rekening van het AI vertaalprogramma en van de auteur van dit artikel.
